Organisatie interne leerlingenzorg

Uitgangspunt:
Wij vinden dat op onze school iedere leerling zoveel mogelijk het onderwijs dient te krijgen binnen onze mogelijkheden wat hij/zij aankan. Dat betekent dat leerlingen met leer- of gedragsproblemen, maar ook de meerbegaafde leerlingen, zoveel mogelijk onderwijs krijgen op zijn/haar niveau. We willen zorg dragen voor een ononderbroken ontwikkeling van alle leerlingen.
Onze werkwijze:
Wij volgen uw kind in zijn ontwikkeling vanaf groep 1 tot aan het verlaten van onze basisschool eind groep 8. Dat doen we in de onderbouw door observaties van de groepsleerkrachten en de daaraan gekoppelde KIJK registratie vanaf groep 1 tot en met groep 4. In groep 5 t/m 8 maken de groepsleerkrachten gebruik van hun observaties tijdens het werk en de behaalde resultaten van uw kind, tevens volgen wij de sociaal-emotionele ontwikkeling met de Kijk registratie op sociale competenties. U als ouders wordt bij alles betrokken. Minimaal 3x per jaar op de hoogte gebracht in groep 1 en 2 . In groep 3 t/m 8 is dit gekoppeld aan de rapportbesprekingen 3x per jaar.
Leerlingvolgsysteem
Het volgen van de kinderen leggen we vast in het Leerlingvolgsysteem. Hierin verzamelen we de vorderingen van de leerlingen en beoordelen hiermee hun dagelijks werk. Voor rekenen, taal, begrijpend lezen is het verweven in de methode. Als methode onafhankelijke toetsen gebruiken we de Cito toetsen. In groep 1 en 2 zijn dat de toetsen Taal voor Kleuters en Ordenen.
In groep 3 t/m 8 de volgende toetsen:
- Woordenschat (in groep 3 en 4)
- Leeswoordenschat (groep 5 t/m 8)
- Spellingsvaardigheid (groep 3 t/m 7)
- Rekenen / Wiskunde (groep 3 t/m 7)
- Begrijpend lezen (groep 3 t/m 7)
- Drie Minutentoets(automatiseren van het woordlezen in groep 3 t/m 8)
- De Entreetoets in groep 7
- De Eindtoets in groep 8
Tevens volgen we de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind, met o.a. de Kijk-registratie.
Voor het volgen van het technisch lees-proces gebruiken we de AVI en DMT-toetsen. De intern begeleider, juf Coby, bewaakt dit proces, samen met de leerkrachten. De vorderingen worden regelmatig besproken in leerlingbesprekingen met het team of in subteams onder leiding van de intern begeleider en de directeur.
Hoe werkt onze zorgstructuur ?
Wanneer we zien dat een leerling herhaaldelijk op een of meer gebieden achterblijft plaatsen we deze leerling in het zorgtraject (fase 1) en bieden we, uit voorzorg, direct extra hulp aan, met als doel de achterstand in ontwikkeling zoveel mogelijk te beperken. Hiervoor maken de intern begeleider samen met de groepsleerkracht een plan van aanpak waarin we specifieke activiteiten of extra instructie en/of herhalen van een lesonderdeel noteren. De intern begeleider maakt voor deze leerling een dossier, de groepsleerkracht licht u als ouder over deze gang van zaken in.
Eens in de 6 weken vinden er gesprekken plaats met individuele groepsleerkrachten, intern begeleider en directeur waarin de vorderingen en de wijze van het aanbieden van hulp in de groep geƫvalueerd worden. Wanneer uw kind de achterstand in ontwikkeling heeft ingehaald dan stoppen we deze extra zorg en kan het de leerstof in de groep volgen. Als blijkt dat de achterstand in ontwikkeling blijft of zelfs groter wordt dan plaatsen we deze leerling in de volgende fase van de zorg namelijk fase 2. Nu is er meer gerichte, specifieke hulp nodig en stelt de intern begeleider in samenspraak met de groepsleerkracht een handelingsplan op. Er wordt nu gericht gewerkt, meestal met een specifieke methode om de ont-wikkeling van uw kind te bevorderen. Dit vindt meestal in de groep plaats, maar kan ook individueel of in kleine groepjes plaatsvinden buiten de klas.
U als ouder wordt aan het begin van deze aanpak uitgenodigd voor een uitleg door de intern begeleider, Tijdens dit gesprek vragen we ook om uw hulp bij het thuis inoefenen van een bepaald lesonderdeel.
Heeft deze aanpak succes, dan sluiten we het handelingsplan af of waar nodig is, wordt dit herhaald op een ander niveau of lesonderdeel. Op deze manier garanderen wij een goede zorg voor het bevorderen van de ontwikkeling van de leerlingen.
Blijkt dat de achterstand groter wordt dan verplaatsen we uw kind naar fase 3 van het zorgtraject en roepen we de hulp van externe deskundigen in. Via het zorgplatform van Openbasis kunnen we hulp inroepen van Weer Samen Naar School, een ambulante begeleider of specialisten van de schoolbegeleidingsdienst het Regionaal Pedagogisch Centrum Zeeland, Auris en de REC?s. De hulp bestaat veelal uit onderzoek doen en/of adviezen geven waarmee we het kind verder kunnen helpen op school. Daarbij hebben we de toestemming van de ouders nodig en wordt u dus vanzelfsprekend bij deze beslissing betrokken. Met behulp van de externe deskundige is het mogelijk de ontwikkeling van uw kind met een zeer specifieke aanpak te stimuleren. Uw kind kan vaak met enige aanpassing op school blijven.
Voor een kind met een lichamelijke of geestelijke handicap is het mogelijk dat de ouders, in overleg met de school, extra hulp kunnen aanvragen bij het Regionaal Expertise Centrum. Hiervoor dient ook een rapport ingevuld te worden door ouders en school. Wordt door de indicatiecommissie een positieve beschikking afgegeven dan krijgt de leerling extra hulp toegezegd. Dit wordt ?Het Rugzakje? genoemd. Wanneer in een enkel geval, met zoveel specifieke zorg de ontwikkeling van uw kind stagneert en er grote achterstanden zijn ontstaan is het raadzaam uw kind aan te melden voor het speciaal onderwijs (fase 4).Door de wet is voorgeschreven, dat een leerling niet zo maar naar het speciaal onderwijs kan worden doorverwezen. De basisschool zal eerst moeten aantonen wat er al aan extra hulp geboden is. Dit moet door het invullen van een uitgebreid onderwijskundig rapport. Een onafhankelijke commissie bepaalt dan of de leerling op een speciale basisschool geplaatst kan worden. Dit vindt altijd plaats in overleg met de ouders.
Vroegtijdig signaleren
We ervaren dat we door vroegtijdig signaleren van leerlingen met een achterstand in hun ontwikkeling en door snel hulp te bieden met een intensieve aanpak, succes hebben in het begeleiden van onze leerlingen. We zien dat onze leerlingen trots zijn op hun resultaten als ze merken dat ze vooruitgang boeken.
Plusleerlingen
Uit het leerlingvolgsysteem en de observaties van de groepsleerkrachten komt ook naar voren dat er leerlingen zijn die meer aankunnen dan de leerstof van de groep. We noemen deze leerlingen ?plusleerlingen?. Zij kunnen meer uitdaging aan. Voor deze groep leerlingen verzamelen we extra uitdagende leerstof, waaraan zij in de groep mogen werken. De plusgroepen worden vanaf groep 5 opgestart,omdat deze leerlingen zelfstandig aan de moeilijkere opdrachten kunnen werken.
Incidenteel kan dat vanaf groep 5, maar de groepsleerkracht heeft t/m groep 5 vaak in de groep voldoende verrijkingsstof. De intern begeleider start met deze groepen, de groepsleerkracht neemt dat na een instructie periode over. De intern begeleider blijft het proces wel bewaken.

Onze MIB-er Coby de Pagter aan het werk!

Plusleerlingen aan de slag in de klas.
Leerling-gebonden financiering
Op basis van de nieuwe wettelijke regeling leerling-gebonden financiering kunnen leerlingen met een handicap in het basisonderwijs geplaatst worden.
We hebben daarom beleid op school ontwikkeld met betrekking tot integratie van leerlingen met een handicap. Daarbij sluiten we aan op de vraag rondom passend onderwijs.
Wij willen als school zo veel mogelijk rekening houden met de verschillen tussen kinderen en met de specifieke onderwijsbehoeften van kinderen. Dit houdt in dat we ons onderwijs ook willen afstemmen op de onderwijsbehoefte van een gehandicapt kind. Ouders die bij ons op school een kind met een handicap aanmelden, zullen we vanuit een positieve manier benaderen. We zullen zo nauwkeurig mogelijk nagaan wat de mogelijkheden van onze school zijn voor het verzorgen van onderwijs aan dit kind.
We gaan bij het onderzoeken uit van onderstaande uitgangspunten:
- een kind met en handicap heeft recht op onderwijs in de woonomgeving, samen met andere kinderen uit de buurt;
- een kind met een handicap heeft recht op integratie in het regulier onderwijs;
- ouders hebben keuzevrijheid bij het kiezen van de school voor hun kind;
- alle zaken worden in een open communicatie met de ouders besproken;
- voor elk kind bepalen we, aan de hand van zo objectief mogelijke criteria, wat voor mogelijkheden we hebben om passend onderwijs te verzorgen; daarbij speelt de zwaarte van de handicap een rol;
- we maken gebruik van externe ondersteuning bij de afweging.
Bovenschoolse zorg LeerTij
Soms maakt de leerkracht of u als ouder zich zorgen over de ontwikkeling van uw kind. Dan blijkt bijvoorbeeld dat uw kind ergens moeite mee heeft. Dat kan zijn met rekenen of taal, met concentratie, maar ook met samen spelen of samenwerken. De leerkracht overlegt dan met u en meestal ook met de intern begeleider over welke hulp gewenst is. Samen met u worden dan stappen ondernomen om uw kind die hulpof extra aandacht te bieden die het nodig heeft.
Soms heeft de school zelf niet voldoende mogelijkheden om de situatie van uw kind echt te verbeteren. De school kan dan samen met u besluiten uw kind aan te melden bij het Zorg-en adviesteam, het ZAT.
In het ZAT werken verschillende deskundigen samen. Het team bestaat uit een jeugdarts, een (school)maatschappelijk werker, een orthopedagoog of psycholoog, een preventief ambulant begeleider en enkele intern begeleiders van LeerTijscholen. Het ZAT kan u en de school adviseren over mogelijke oplossingen en de beste hulp voor uw kind. Binnen de Bovenschoolse Zorg van LeerTij zijn er brede mogelijkheden voor extra hulp. Eveneens kan de schoolmaatschappelijk werker de hulpvraag bespreken in het overleg van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Hierin zijn hulpverlenende instanties gebundeld om per hulpvraag te bepalen welke zorg er buiten de zorg op school gewenst is. Dit CJG kunt u als ouder ook altijd op eigen initiatief benaderen voor vrijblijvend advies.
Hoe werkt het ZAT?
U besluit samen met de school uw kind aan te melden voor het ZAT (u geeft hiervoor schriftelijke toestemming). De intern begeleider vult de aanmeldingsformulieren in waarop alle informatie die nodig is om een goed overleg te kunnen voeren is vermeld.
Het ZAT bespreekt de situatie van uw kind. Alle aangeleverde informatie wordt strikt vertrouwelijk behandeld.
Het team zoekt samen met een vertegenwoordiger van de school naar oplossingen en geeft een advies over de benodigde hulp.
Het advies wordt met u door iemand van school besproken, vervolgens wordt de benodigde hulp in gang gezet en uitgevoerd.
Aan de hulp van het ZAT zijn voor u geen kosten verbonden.
